Homme en het noodgeval

Ik las “Homme en het noodgeval” van Annejan Mieras, uitgegeven door Lemniscaat. Met een prachtig geïllustreerd omslag door Linde Faas (ik hou echt heel erg van haar illustraties!).

📖 Omdat haar moeder even niet voor haar kan zorgen, komt Pien logeren bij Homme. Daar is Homme mooi klaar mee. Pien is raar, vinden hij en zijn vrienden. Ze is onhandig, lust niks en zegt dat ze een prinses is. En dan moet ze ook nog in Hommes kamer slapen én ze wordt natuurlijk hartstikke voorgetrokken door zijn ouders. Logisch dat Homme er niks aan vindt.

Gelukkig heeft hij Kees, de fietsenmaker die ook zijn vriend is. Homme helpt Kees in de werkplaats. Bij Kees kan hij zijn frustraties kwijt, en Kees geeft hem gelukskoekjes met spreuken die steeds heel goed passen bij wat Homme voelt. Aangespoord door Kees gaat Homme op onderzoek uit. Door Kees leert Homme anders naar Pien te kijken: niet alleen naar haar buitenkant, maar ook naar wie ze echt is.

Elk hoofdstuk eindigt met een gedicht dat door Pien geschreven is. Met doorgekraste woorden waardoor je als lezer ziet hoe elk gedicht ontstaat. En Pien kan ook nog eens hartstikke mooi schrijven. Aan het eind van het verhaal (bij het noodgeval…) kom je erachter hoe ze steeds aan die mooie eerste zinnen komt.

⭐️ “Homme en het noodgeval” is echt een prachtig warm boek over onderwerpen waar kinderen tegenaan lopen, zoals: vriendschap, jaloezie, je even terugtrekken en voor elkaar zorgen. Je leert je in te leven, omdat je een kijkje in de hoofden van Homme en Pien krijgt. Het verhaal leest heerlijk, met simpele maar treffende zinnen. Geschikt om voor te lezen, maar ook om zelf te lezen vanaf een jaar of negen.

📝 In de klas kun je dit boek goed gebruiken als je aan de slag wilt met poëzie. Wat dacht je van een afmaak-gedicht? De eerste regel komt uit een bestaand gedicht (kies een gedicht dat geschreven is voor volwassenen), en de kinderen bedenken het vervolg.

Veel leesplezier!

Scroll naar boven